5 juli 2008, 2:04   Linda Hell

‘Media bepalen mening jongeren over politieke partijen’

‘Media bepalen mening jongeren over politieke partijen’

Jongeren bepalen hun mening over politieke partijen vooral op basis van berichtgeving in de media. Ook hun kennis over politieke partijen halen zij hieruit. Contact opnemen met een politieke partij komt bij de meeste jongeren niet op, ook al omdat ze geen idee hebben hoe dat zou moeten. Die conclusies zijn afkomstig van het afstudeeronderzoek 'Leren van democratie' van twee studenten van de Avans Hogeschool in 's Hertogenbosch. Het ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties heeft dit onderzoek gefaciliteerd.

Centrale onderzoeksvraag was: waar en hoe leren jongeren over democratie? Deze vraag sluit aan bij het eerdere onderzoek ‘Jonge burgers en democratie’ op basis waarvan minister Ter Horst heeft geconcludeerd dat kennis, houding en vaardigheden van jongeren ten opzichte van democratie op een aantal punten tekort schieten. Om iets te doen aan deze lacunes wordt op voorstel van Ter Horst het Huis voor de democratie en rechtsstaat opgericht. Hier kunnen scholieren op een ‘aansprekende en actieve manier’ kennismaken met de werking van het politieke stelsel en de rechtsstaat in Nederland.

Voor dit vervolgonderzoek zijn vraaggesprekken gehouden met 250 jongeren verdeeld over 12 middelbare schoolklassen over twee aspecten van democratie: politieke partijen en godsdienstvrijheid. Een belangrijke conclusie is dat jongeren niet op één plek en op één manier leren wat democratie inhoudt. In tegenstelling tot wat jongeren weten over politieke partijen waarbij vooral de media een bepalende rol spelen, leren jongeren thuis over godsdienstvrijheid. Ook hun houding ten opzichte van godsdienstvrijheid vormen jongeren in de context van het gezin. Meer over het onderzoek

Reageer


(huisregels)
Plaats reactie




 

 

Boekentips en meer

 

Tips uit de praktijk

Onderzoek: hoe erg is een spelfout?
Hoe erg is het als er spelfouten in een sollicitatiebrief staan? Denken de ontvangers slechter over een sollicitant die niet kan spellen? Vinden ze hem minder deskundig, onbetrouwbaarder en dat hij zich beter voordoet dan hij is? En hoe zit dat bij sponsorwervingsbrieven - is het effect daar sterker of minder sterk?